Over Paul Bogaers

Paul Bogaers (1961, Tilburg) speelt graag een dartel spel met associatie en suggestie. Sommige mensen kijken wel, maar zien niets. Bogaers laat je opnieuw kijken - leert je kijken. Door combinaties van foto’s worden er verbanden gelegd en ontstaan nieuwe verhalen en betekenissen. Soms maakt hij in de combinaties, naast zijn eigen fotomateriaal, gebruik van gevonden beelden: foto’s van onbekende fotografen, foto’s uit boeken, wat hij maar tegenkomt.

Thema’s die belangrijk zijn in mijn werk.
Mijn werk heeft zich in de loop van de tijd in meerdere richtingen ontwikkeld – zo heb ik lang met fotografie gewerkt, maar ook een collageroman geschreven, en mijn meest recente werk is weer voornamelijk ruimtelijk van aard – maar er loopt wel degelijk een rode draad door alles heen. Wat mij altijd heeft bezig gehouden en dat nog altijd doet, is het combineren van elementen van verschillende herkomst. In de diverse disciplines zijn de benamingen steeds anders – collage, assemblage, sampling, found footage – maar hoe het ook wordt aangeduid, voor mij is het werken met (en vanuit) bestaand materiaal altijd essentieel.

Waar opgegroeid en opgeleid?
Ik ben geboren en opgegroeid in Tilburg, opgeleid in diezelfde stad aan de Academie voor Beeldende Vorming, en verdomd als het niet waar is, ik woon er nog steeds..! Niet omdat het er zo mooi is of inspirerend, maar het is nu eenmaal wel de hoofdstad van het Absurde. Wanneer je daar iets mee hebt, zoals ik, dan zijn de kwalijke dampen die er hangen ongezond maar onontkoombaar.

Wat inspireert je?
Er zijn vele dingen die mij inspireren. Van alles wat ik vind op mijn pad, vooral zaken die achteloos langs de kant zijn weggesmeten, zijn in staat mijn interesse te wekken. Als fotograaf duidde ik die aan met ‘de onaanzienlijke details’.
Tegenwoordig is de traditionele Afrikaanse cultuur en (animistische) manier van denken iets wat mij enorm fascineert, en zowel materieel als in geest zijn de sporen daarvan in mijn werk duidelijk aanwezig.

Werkproces
In verreweg de meeste gevallen start ik letterlijk met een ‘gevonden voorwerp’, soms gefotografeerd maar tegenwoordig ook vaak in ‘natura’. Dit voorwerp (of de foto) vormt dan het startpunt voor een ontdekkingstocht, waarvan ik nooit vooraf weet waarheen deze mij zal leiden. Ik vorm mij zo min mogelijk een idee over hoe een werk zich zal ontwikkelen, hoe groot het zal worden, wat voor materialen er in verwerkt zullen gaan worden; dat zal allemaal blijken in de loop van het proces. Mijzelf verrassen, dat is altijd het belangrijkste.

Beschrijving atelier
De meeste mensen die op mijn atelier komen vinden het er enorm vol. Voor mij is deze drukte van voorwerpen een natuurlijke behoefte, maar ook een voorwaarde voor de totstandkoming van mijn werk. Wie werkt zoals ik moet zich omringen met een veelheid aan materiaal, omdat ieder ding een schat aan suggesties, kansen en mogelijkheden met zich meebrengt.
Een atelier is daarom zo interessant en veelzeggend, omdat het van alles vertelt over het innerlijk van de kunstenaar die er werkt en over de manier waarop diens werk tot stand komt. Kijk dus gerust maar eens rond.

Werk je in stilte of met muziek?
Ik heb vaak muziek opstaan tijdens het werk, maar ik kan er ook snel door worden afgeleid. Wat ik daarom heel vaak draai, is ambient, een muzieksoort die eerder als achter- of ondergrond fungeert.

Materiaal
Fotografie is jarenlang mijn hoofdmedium geweest, maar de laatste jaren is deze steeds meer verdrongen door ruimtelijke materialen. Aan de ene kant zijn dat gevonden objecten van de meest uiteenlopende soort, aan de andere kant een materiaal dat ik kan vormen: papier maché.
Papier maché is voor mij werkelijk de vondst van jaren, omdat ik er zo’n beetje alles mee kan maken wat ik wil, en zonder dat er dure installaties of apparaten voor nodig zijn zoals bij veel andere technieken.
Kleur heeft nooit een grote rol gespeeld in mijn werk, maar is zeker niet afwezig. Ik ben geen colorist, maar hou erg van de subtiele nuance die kleur in een werk kan aanbrengen.

Waar streef je naar in je werk? Wanneer is een werk voor jou af?
Ik geloof dat het de bedoeling is van bijna iedere kunstenaar, en in elk geval van mij, om het onzichtbare zichtbaar te maken. Dit is een paradox, maar dat het niettemin mogelijk is vormt voor mij de belangrijkste reden om met kunst bezig te zijn.
Een werk is geslaagd, zou je kunnen zeggen, wanneer dit paradoxale streven is gelukt.

Wanneer het af is, is evenwel een van de moeilijkste problemen van een scheppend kunstenaar. Maar net iets makkelijker dan de vraag waar je moet beginnen, is de vraag op welk moment je moet ophouden. Persoonlijk probeer ik die vraag te ontwijken. Mijn adagium is: een werk is nooit af, of hoeft nooit af te zijn. Er kan altijd verder aan gewerkt worden, en vaak doe ik dat ook wanneer werken terugkomen van een tentoonstelling. Pas wanneer iets verkocht wordt is het echt af, maar eigenlijk alleen omdat ik er dan niet meer aan mág komen.

Heb je zelf thuis werk van collega kunstenaars? Waarom?
Thuis heb ik alléén maar werk van andere kunstenaars hangen, er staat of hangt niets van mijzelf. Wanneer ik de deur van mijn atelier achter mij sluit, wil ik dat alles wat ik maak dáár blijft.
Wat ik thuis heb hangen, is werk dat ik zelf niet zou kunnen of willen maken, maar dat desalniettemin altijd wel een raakvlak heeft met wat mij in mijn werk bezig houdt.

Deel deze pagina

Als eerste informatie ontvangen over nieuwe edities en aanbiedingen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief: